Beschermvrouwe
Prinses LaurentienHare Koninklijke Hoogheid Prinses Laurentien werd op 18 juni 2005 geïnstalleerd als beschermvrouwe van de Vereniging NLBB. Prinses Laurentien houdt tijdens deze bijeenkomst een toespraak over het belang van blinden en slechtzienden te kunnen beschikken over aangepaste leesvormen zoals brailleboeken, gesproken boeken en boeken in grootletterdruk. De prinses zal daarbij de noodzaak van geletterdheid benadrukken.’ In haar toespraak liet de nieuwe Beschermvrouwe weten prinses Juliana als inspiratiebron te zien. Als klein meisje maakte prinses Laurentien mee hoe haar eigen grootmoeder, een lerares en belezen vrouw die veel van reizen hield, haar gezichtsvermogen verloor. Luisterlezen was voor haar een belangrijke bron van inspiratie en informatie. In een interview met het blad ‘Lezen’ zegt de Prinses het volgende over haar werk voor de NLBB: ‘Het belang van de eigen interpretatie realiseerde ik mij nog onlangs, toen er mij door blinden op werd aangedrongen mij sterk te maken voor het behoud van het brailleboek naast het luisterboek. Een boek in braille laat de interpretatie geheel over aan de blinde lezer. Bij een luisterboek wordt deze vrijheid aangetast, wat onverlet laat dat het zeer vele praktische voordelen biedt.’ De prinses werkte o.a. mee aan de reeks boekjes voor kinderen met en zonder leeshandicap, de reeks Onbeperkt Lezen, die de NLBB in samenwerking met uitgeverij Rubinstein en met steun van de Rabobank uitbracht en verspreidde.
Prinses Laurentien gaf op 10 januari 2009 het startschot voor de viering van het 200e geboortejaar van Louis Braille in de Jaarbeurs te Utrecht. Bij de opening van het Louis Braillejaar 2009 sprak zij de volgende tekst uit: Toespraak H.K.H. Prinses Laurentien der Nederlanden bij de Opening Louis BraillejaarUtrecht, 10 januari 2009 Mijnheer de loco-commissaris, mijnheer de Burgemeester, dames en heren, Zoals de heer Dijk al aangaf, herdenken wij vandaag de geboorte van Louis Braille, twee honderd jaar geleden. Vele andere landen besteden ook aandacht aan zijn inspirerende leven en natuurlijk aan het door hem bedachte brailleschrift. Louis Braille was nog maar 15 jaar oud toen hij deze methode uitdacht – geniaal door zijn eenvoud. Niet alleen het alfabet kan worden omgezet in braille, maar ook leestekens, getallen, wiskundige symbolen en muzieknoten. De opzet van het brailleschrift was destijds zó perfect, dat daar nooit meer verandering in is gekomen en nu in iedere taal wordt toegepast. In ons land heeft het Louis Braillejaar 2009 een breed gedragen nationaal karakter. Als beschermvrouwe van de NLBB Vereniging van Leesgehandicaptenverheugt het mij dat dit jaar zoveel organisaties in ons land in onderlinge samenwerking verschillende activiteiten ontplooien die bijdragen aan een onbeperkt toegankelijke samenleving. Dit is dan ook het centrale thema van het Louis Braillejaar 2009 in Nederland. Het brailleschrift speelt hierin een bijzondere rol. Ik schets hiervoor graag eerst de bredere context. Wij leven in een tijdperk waarin meedoen centraal staat. Het gaat om onze morele instelling, maatschappelijke verplichting en economische noodzaak dat alle mensen de kans hebben om actief deel te nemen aan de maatschappij. Wat betekent meedoen eigenlijk? Het lijkt een simpel woord, maar wij kunnen dit niet voor lief nemen – dit zie ik ook in mijn alfabetiseringswerk. Meedoen heeft verschillende lagen: durven, willen en kunnen. Het gevoel van eigenwaarde en eigen identiteit, maar ook onafhankelijkheid en zelfredzaamheid liggen hiervan aan de basis. Iemand die om welke reden dan ook het gevoel heeft niet volwaardig te zijn of niet als gelijkwaardig wordt aangezien of behandeld, zal minder snel geneigd zijn om mee te doen. Gelijkheid is één van de kernwaarden van onze samenleving en het is in ieders belang dat zoveel mogelijk mensen het gevoel hebben erbij te horen en hierdoor actief helpen de samenleving vorm te geven. Niemand is gebaat bij uitsluiting om welke reden dan ook. En om als mondige en goed ontwikkelde burger actief betrokken te zijn bij wat er in de samenleving gebeurt, deelnemen aan het maatschappelijke verkeer en de sociale ontwikkelingen, is lezen een voorwaarde. Voor mensen met leesbeperkingen betekent dit in de praktijk: zij krijgen pas toegang tot de geschreven taal als deze ook in aangepaste vorm toegankelijk wordt gemaakt: in grootletterdruk, audio, digitaal en braille. Braille staat voor onafhankelijkheid. Het ontwikkelt het woordbeeld, geeft een tekstoverzicht en het maakt minder afhankelijk van voorleeshulp en gesproken tekst. Hiermee bevordert het de gelijkwaardige maatschappelijke integratie en sociaal-culturele deelname – juist in relatie tot de eigen identiteit, persoonlijke ontwikkeling, zelfontplooiing en taalkundige ontwikkeling van braillelezers. Dat maakt het brailleschrift voor blinden en zeer slechtzienden wereldwijd onmisbaar en onvervangbaar. Om de nuance te begrijpen van de verchillende aangepaste leesvormen, moeten wij ons daar in verdiepen. Persoonlijk is er is voor mij een wereld opengegaan sinds ik in juni 2005 beschermvrouwe werd van de NLBB, na het van Prinses Juliana te hebben overgenomen (wij herdenken dit jaar haar geboorte 100 jaar geleden). Mijn contacten en gesprekken met slechtzienden zijn verrijkend, inspirerend en altijd leerzaam. Zo had ik een aantal jaar geleden een gesprek met een bestuurslid van de NLBB. Wij hadden het over de voortgang van luisterend lezen. Geen enkel bezwaar daartegen, zo zei hij. In tegendeel. “Maar,” zo legde hij uit: luisterend lezen kan nooit het braille vervangen. Want alleen braille stelt je in staat om geheel zelfstandig en niet door de interpretatie van een ander informatie tot je te nemen.” Ik had daar niet bij stil gestaan... Zoals een andere braillelezer het omschrijft in een onderzoek van de NLBB: “ik heb een schrijnende behoefte aan lezen met mijn vingers, zodat ik aan woorden die ik voel persoonlijk inhoud kan geven.” Wij zullen het er allemaal over eens zijn: gesproken taal is niet gelijk aan geschreven taal. Ik begrijp dan ook heel goed de uitspraak van een braillelezer die zegt dat een leven zonder braille voor hem in feite leidt tot een eigentijdse vorm van analfabetisme. Dat wil dus zeggen: audio is niet gelijk aan braille. Een blinde of slechtziende persoon leert niet spellen zonder braille. Braille biedt blinden en slechtzienden dezelfde mogelijkheden als goedzienden bij het lezen, waardoor zij in principe gelijke en gelijkwaardige toegang krijgen tot beschikbare lectuur en informatie. Juist daarom is het zo belangrijk voor visueel gehandicapten om voldoende mogelijkheden te hebben om in hun behoefte aan lectuur en informatie te voorzien. Het Loket aangepast-lezen, gefinancierd door het Ministerie van OCW, vervult hierin een belangrijke taak. Ook krijgen braillelezers gelukkig steeds meer de beschikking over scanners, brailleleesregels en brailleprinters voor individueel gebruik in werk- of thuissituatie. Dit is belangrijk in het kader van het principe van zelfredzaamheid. Nieuwe ontwikkelingen in het braille Door het internet en de moderne technologie is voor veel blinden en slechtzienden de wereld nog verder open gegaan. Op het vlak van technologie en innovatie maakt het braille belangrijke ontwikkelingen door. Via prikpen en reglette, brailletypemachine, computer met brailleprinter naar het lezen van het hybride boek, waarbij de tekst zowel op het scherm verschijnt en tegelijkertijd in gesproken vorm te beluisteren valt. Daarnaast komen steeds meer bronbestanden van boeken via de uitgevers in digitale vorm beschikbaar, zodat de braillelezer deze boekbestanden met een softwareprogramma op de computer kan lezen met behulp van de brailleleesregel, waardoor steeds meer lectuur en informatie voor braillelezers toegankelijk wordt en beschikbaar komt. En er bestaat nu zelfs een braille GPS systeem! Had Louis Braille dit ooit durven dromen? Een paar afsluitende woorden Louis Braille heeft het mogelijk gemaakt dat visueel gehandicapten - zonder hulp van anderen - wereldwijd in staat zijn zelfstandig lectuur en informatie tot zich kunnen nemen in een op zienden ingestelde samenleving. Wij kunnen het niet voor lief nemen dat alleen luisterend lezen een uitkomst biedt voor mensen met een leeshandicap. In de woorden van braillelezers: “Ik ben visueel ingesteld, daar bedoel ik mee dat alles wat via mijn vingers naar mijn hersens gaat, ook het meest beklijft.” En ook: “Braille is mijn eerste taal.” Gelijkheid is een van de kernwaarden van onze samenleving. Hebben blinden en zeer slechtzienden daarom niet het recht om onafhankelijk van anderen kunnen lezen en zelfstandig informatie raadplegen? Het gaat uiteindelijk om onbeperkt lezen in een samenleving zonder beperkingen voor blinden en slechtzienden, zodat een beperking geen handicap hoeft te zijn... Ik hoop dat het Louis Braillejaar 2009 naast informatief ook een inspirerend platform zal zijn: om in heel Nederland het bewustzijn te verdiepen over hoe het is om uitgesloten te zijn van essentiële communicatiestromen aan de ene kant, en wat er mogelijk en nodig is om dit tegen te gaan. Ik wens alle betrokkenen bij dit bijzondere Louis Braillejaar 2009 alle succes toe. Dank u wel. |
|||


